20 juni 2004
Je trekt met je hark een spoor op het kiezelpad. "Kijk mam", zeg je:"een paardenweg". "Een ruiterpad", corrigeer ik je. Dat is wat je bedoelt. Dat heb je vorige week op de camping bij Mila geleerd. Ik laat je zien hoe de hark het paard kan zijn en je rijdt op het harkpaard over het ruiterpad. Een mevrouw op de fiets die jouw paadje kruist en vriendelijk vraagt of je lekker vliegt op je harkje, roep je boos na dat het toch ongehoord is dat ze zomaar met haar fiets jouw ruiterpad berijdt. "Dat mag toch niet mamma?", zeg je verontwaardigd. En nog een kwartier lang sputter je bij elke passant die niet weet dat alleen paarden mogen passeren.
